Het Binnenvaartpolitiereglement (BPR) versie 1-7-2025 t/m heden
10.02
Bovenmaatse zeegaande schepen
1.
Een bovenmaats zeegaand schip moet op de daartoe aangewezen vaarwegen de daartoe vastgestelde voorschriften in acht nemen.
2.
De in het eerste lid bedoelde voorschriften kunnen betreffen:
a.
de toegelaten afmetingen van een schip;
b.
de bouw, de uitrusting, het motorvermogen en de manoeuvreerbaarheid van een schip;
c.
de grootste snelheid waarmede mag worden gevaren;
d.
de meteorologische omstandigheden waaronder mag worden gevaren;
e.
de te volgen route.